Gezellige boel

Als ik wakker word, zit Frits zich al ongegeneerd aan dek te wassen. Hij trekt zich er niks aan dat ik de combi van zee, wind en het zeilen op de gennaker wel voldoende vind op de vroege ochtend. Ik zucht, maar zeg niks. Waarom moest van alle nieuwe vrienden die we de afgelopen weken maakten uitgerekend Frits mee aan boord?

Ik denk aan alle lieve mensen die we ontmoet hebben. In Coruña maken we de vrienden met Silvia en Xulio (zij uit Coruña, hij uit Vigo), waarmee we avonden doorbrengen met lokale gerechten en de door Xulio geliefde koffiekleur. Met Jacob en Facundo, die we bij aankomst in Coruña verblijd hebben met de overgebleven twee kilo tonijn, verkennen we de baaitjes rondom Coruña en hebben we een echte Argentijnse Asado op het strand, mét Nederlandse Schrobbelér. Op Islas Cies ontmoeten we een hele Hollandse vloot met de Phi, de Karakter, de Zouterik en de Ben-NL. De Cies eilanden zijn een paradijs. We houden er sundowners op het strand en verkennen het eiland. Iedereen van de vloot zit in hetzelfde schuitje en moet familie en vrienden missen, dus we zoeken elkaar op en delen al snel lief en leed.

Door alle lieve mensen, hier en thuis, is mijn verjaardag in Vigo een feest. ’s Ochtends komt de bemanning van de Phi taart eten, er is een cadeautje uit NL van Marleen, ik mag Laurens z’n haar knippen (krullen zitten er nog aan), m’n moeder en Kees roltoeteren me semi-live een fijne verjaardag én we gaan weer op pad met Silvia en Xulio. De dag erna mogen we aanschuiven bij de zondagse familielunch van Xulio en de gezinnen van zijn broer en zus. Ik voel me stinkend rijk.

De Hollandse vloot komt in Cascais, Portugal weer samen en wordt uitgebreid met de Mach3 en de Stormalong. De ankerbaai wordt omgevormd tot een volksbuurtje; de bankjes en kratjes bier staan nog net niet standaard op het voordek.

Ondanks de gezelligheid vinden we het echt tijd om weer door te gaan. We banjeren al zes weken langs de Spaanse en de Portugese kust. Vanuit Nederland komen er steeds meer vragen en opmerkingen over ons tempo. Mañana, mañana mensen, het is geen wedstrijd!
Maar goed, verder dus. Van Cascais naar Agadir, Marokko. Voor vertrek werken we weer een waslijst aan klusjes af, afgewisseld met praatjes op de ankerplek en afscheidsgroeten. Na alle gezelligheid en het vele fijne gezelschap hebben Laurens en ik wel weer even behoefte aan een paar dagen echt met z’n tweeën. Geen betere oplossing dan een lange oversteek maken. Vijf dagen alleen maar de boot, de zee, het weer en wij. Heerlijk!

En dan komt Frits aanwaaien. Ik ben geen voorstander van opstappers, maar Frits ziet er relaxed uit. Zo één die je er prima bij kan hebben op je boot. Geen betweterige opmerkingen, geen ingewikkelde dieetwensen, geen bezwaar tegen op de bank moeten slapen én ervaring met lange oversteken. Op papier de ideale opstapper.
Het blijkt even wennen, zo met z’n drieën op een boot. Hoe makkelijk Frits ook is, de dynamiek verandert en je past je toch aan. We vragen ons af of alles naar wens is en we zorgen voor Frits z’n natje en z’n droogje. Frits daarentegen gedraagt zich steeds minder netjes en voelt zich steeds vrijer. Hij struint de hele boot af op zoek naar wat lekkers. Hij laat geen kruimel over. Als Laurens Frits vermanend toespreekt dat hij de keuken een beetje netjes moet houden, geeft Frits zowaar een grote mond. Het moet niet niet gekker worden op je eigen boot! Een dag voor aankomst in Marokko wordt onze bemoeienis Frits te veel en vlucht hij naar het voordek. We proberen hem ervan te overtuigen weer bij ons in de kuip te komen zitten, maar Frits raakt daardoor nog meer overstuur en in blinde paniek schiet hij overboord. Hij verdwijnt in de nacht. Verslagen zitten we in de kuip. Tja, Frits, het was misschien een vreemde vogel, maar we gaan hem missen. Gelukkig hebben we de foto’s nog…

Ondertussen merken we dat we steeds zuidelijker komen. Het dekbed kan opgeborgen, de muts in de la. De tropische zeilreis die we voor ogen hadden is begonnen! In Agadir klaren we voor de eerste keer in. Van de spookverhalen over de Marrokkaanse bureaucratie en de ‘baksjees’-steekpenningen is geen spoor te bekennen. Het is een vrolijke mannenboel. Drie mannen van de politie en douane komen aan boord en tillen willekeurig wat kussens op, nemen onze drone in beslag (dat dan weer wel) en vinden het verder prima. Laurens mag mee naar het kantoor om de papierhandel te regelen en eet gezellig de lunch van gebakken visjes, calamares en garnalen mee met de heren. ’s Avonds overhandigt de politiechef onze paspoorten voorzien van een stempeltje weer netjes aan ‘mister Tiago’. De gele vlag kan naar beneden, we zijn ingeklaard in Afrika. We zijn gepromoveerd van internationale tot intercontinentale zeezeilers!

 

4 comments

  • Trinet

    Wat een leuk verhaal! Frits bleef lang een raadsel (persoon, kat, vliegende vis?). Leuk!
    En jullie hebben het weer super gedaan samen. Wat een team!
    Nu doen jullie in Marokko wat ik vorig jaar heb gedaan. He-le-maal top!
    Geniet, geniet!
    Love you!
    Trinet

  • Margriet

    Hallo Kitty en Laurens,

    Ik zie dat jullie Agadir hebben verlaten, op naar de oversteek. !!!!

    Heel veel succes, geniet er van,

    veel Liefs, Margriet en Hen.

  • Saskia

    Geweldige foto’s jongens! Wat een heerlijk leven zo, ik dacht even dat Frits een man was totdat die overboord ging 🙂 alles rustig aan de Jvdh. We missen jullie hier wel, maar t werkende leven kabbelt gewoon verder. Ben benieuwd naar Marokko!

  • Rianne

    Wat een heerlijk verhaal! Alsof ik erbij ben….
    Snel de andere verhalen lezen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.